Mijn ontwijkende persoonlijkheidsstoornis…

(Dit verhaal is anoniem en geplaatst op Puzzle Head om zo een duidelijk beeld te creëren van het ontstaan en ervaren van een borderline persoonlijkheidsstoornis)

Wil jij ook jouw persoonlijke verhaal laten plaatsen over jouw ervaring met een persoonlijkheidsstoornis of aanverwante problematiek, stuur dan een mail naar persoonlijkheid@hotmail.com en dan zorgen wij er voor dat jouw verhaal anoniem geplaatst zal worden.

2 jaar geleden is bij mij de ontwijkende persoonlijkheidsstoornis vastgesteld. Daarbij heb ik ook last van obsessief compulsieve trekken.
Onze gezinssituatie is altijd erg beschermend geweest zoals ze dat noemen. Als kind zijnde kan ik me herinneren dat ik erg weinig met andere en bij andere kinderen mocht gaan spelen. Ook buiten spelen heb ik weinig gedaan tenzij 1 van mijn ouders tijd hadden om mee te gaan. Ik kan me herinneren dat toen ik 7 jaar was, ik heel graag wilde gaan skeeleren omdat andere kinderen dit ook deden. Ik had de dag waarop ik mijn ouders ging vragen of ik ook skeelers mocht hebben, op school 2 mooie tekeningen gemaakt voor mijn ouders en thuis had ik daarna mijn kamer helemaal perfect (in mijn kinderogen) opgeruimd…
Tijdens het eten had ik al mijn moed bij elkaar geraapt en gevraagd of ik skeelers mocht hebben. “nee” was het antwoord en een discussie was onmogelijk. Ik heb toen tegen mijn ouders lopen zeuren tijdens het eten omdat alle andere kinderen wel konden skeeleren en ik met ze mee wilde gaan doen. Mijn ouders zeiden dat het super gevaarlijk was en dat ik niet door hoefde te zeuren tenzij ik gelijk na het eten al naar bed wilde…

Mijn ouders vonden eigenlijk zowat alles gevaarlijk om te doen. Het liefst hadden ze me volgens mij letterlijk vastgebonden elke dag na school en zouden ze het liefst mee naar school zijn gegaan!
Ik vind het heel rot om dit soort dingen over mijn ouders te vertellen, ze bedoelden het goed maar ik zie nu in dat ze het helemaal verkeerd aangepakt hebben. Ik ben in totaal 1 keer op een kinderfeestje geweest. Volgens mij had een vader zijn dochter gezegd dat ze mij moest uitnodigen. Ik stond op school vaak alleen in de pauzes en werd ook vele gepest omdat ik altijd zo stil was en omdat ik nooit mee deed met andere kinderen. Ik weet zeker dat kinderen hier thuis ook wel over praatte met hun ouders.
De vader van dat meisje had mijn moeder persoonlijk een uitnodiging gegeven en volgens mij mocht ik daarom naar het feestje toe. Ze durfde waarschijnlijk de vader niet af te wijzen.
Mijn moeder had me om 13.00uur afgezet op het feestje en om 17.00uur zou ze me weer ophalen. We zouden met z’n allen frietjes eten maar dat mocht ik echt niet van mijn ouders. Friet is vettig en ongezond en daarbij hadden ze liever dat ik thuis was met het eten want zo hoort het nou eenmaal.
Tijdens het feestje werd ik natuurlijk helemaal buitengesloten door de andere kinderen. Ik durfde zelf ook niet bij ze te gaan zitten of iets tegen ze te zeggen. Ik voelde op die leeftijd al een heel angstig gevoel in het contact met andere kinderen. Ik kon ook nergens over mee praten. Tekenfilms kijken vonden mijn ouders overbodig, televisie kijken mocht ik trouwens ook zo goed als nooit tenzij er een familielid op bezoek kwam. Dan zette mijn moeder meestal een tekenfilm op van de troetelbeertjes…..
Elke keer vond ik die film geweldig aangezien ik anders nooit een tekenfilm zag tenzij we op school iets mochten kijken.

Even terug naar het kinderfeestje! Op een gegeven moment gingen we buiten in de tuin spelen in het zwembad. Het meisje waar ik mocht spelen had thuis een super groot zwembad en wij mochten gaan zwemmen. Mijn ouders waren “per ongeluk” mijn zwempak vergeten mee te geven. De ouders van het meisje moedigde mij aan om toch te gaan zwemmen en een zwempakje van het meisje te lenen. Ik gaf al de hele tijd aan dat ik dat niet wilde want ik zag haar al met 2 hele boze ogen kijken en bij andere kinderen dingen in de oren fluisteren. Ik durfde ook niet tegen de ouders in te gaan en ben dus met tegenzin het zwembad ingegaan. Ik ging niet verder dan het ondiepe want vond zwemmen altijd erg eng en mijn ouders vertelde ook dat het gevaarlijk was. De ouders van het meisje zaten naast het zwembad dus er kon weinig gebeuren. Ik zat een beetje aan de kant van het zwembad toen een aantal kinderen me van alle kanten vastgrepen en naar beneden trokken. Het enige was ik me nog kan herinneren is dat ik super bang was en dat ik daarna al slaande, schoppend en schreeuwend het zwembad uit ben gekomen. De moeder van het meisje hielp mij het water uitkomen. Ik was helemaal in paniek en aan het huilen en wilde naar huis. De moeder heeft mijn ouders opgebeld en het verhaal uitgelegd. Mijn vader kwam me halen en je raad het al, nu mocht ik echt nooit meer naar een kinderfeestje.

Ja, mijn herinneringen zijn nog erg levendig en mijn therapeut zegt ook dat dit waarschijnlijk komt omdat ik altijd heel angstig en alert was. Ik kan nog wel even doorgaan over mijn kindertijd maar dan ben ik nog wel even bezig. In principe werd alles erger toen ik ouder werd. Ik had 1 voordeel en dat was dat mijn ouders mij elke dag aanstuurde om veel te leren. Op dat gebied kon ik ook weinig fout doen aangezien ik goed leren kon en ook tijdens de middelbare school had ik veel interesses in alle vakken. Waarschijnlijk omdat dat het enige was wat me bezig hield. Ik viel overal buiten met medestudenten. De meeste meiden waren al bezig met jongens, make up en het lezen van meiden magazines maar daar hoefde ik thuis niet mee aan te komen. Dat is om mensen dom te houden, zeiden mijn ouders dan. Mijn middelbare school tijd was saai en eenzaam. Ik had wel meiden bij wie ik kon zitten in de pauzes maar die vond ik lang niet zo interessant als de populaire meisjes. Zij waren altijd aan het lachen en kregen aandacht van jongens. Wij werden genegeerd en soms ook gewoon uit het niets uitgescholden of onderuitgehaald tijdens het lopen in de gangen van de school.

Toen ik ouder werd ontwikkelde ik nog meer angsten en gekke trekjes. Ik moest alles tellen en alles moest op een even getal uitkomen. Ik telde voorwerpen totdat er 1 was die even uitkwam. Anders kreeg ik geen rust. Voordat ik ging slapen telde ik altijd tot 200. Niet dat dat hielp want slapen was ook een ramp. Ik heb tot mijn 11e in bed geplast en had altijd nachtmerries waarin ik achterna werd gezeten en werd dan vaak helemaal nat wakker van het zweet en de urine. Ook was ik bang dat mijn ouders weg zouden vallen want ik kon echt niet zonder ze.

Ik heb mijn HAVO afgerond en ben een studie psychologie gaan doen. Ironisch he? Ik snapte geen bal van mezelf en ook niet van de wereld. Tijdens de studie had ik contact met medestudenten maar het bleef oppervlakkig. Ik wist nooit wat ik moest zeggen en was altijd bang om uitgelachen te worden. Mijn wereld was klein en beangstigend. Alles was beangstigend. Thuis keek ik altijd het nieuws en vond het verschrikkelijk wat er allemaal op de wereld gebeurde. Ergens begreep ik wel dat mijn ouders zo bezorgd en beschermend waren.


Totdat een leerling op school een docent heeft aangesproken omdat hij vond dat ik me altijd vreemd gedroeg. Ik was terug getrokken en kon nooit eens een keer leuk meedoen met de rest. Ik deed nooit mee met studenten activiteiten omdat ik dat simpelweg niet durfde.
De leraar heeft mij toen na school gevraagd voor een gesprek en de onrust van andere leerlingen uitgesproken. Ik weet niet meer wat ik heb gezegd maar volgens mij heb ik een uur lang zitten ratelen, snikken, panieken en mijn hele verleden vertelt. Ik schaamde me daar voor omdat er genoeg mensen waren die veel ergere dingen hadden meegemaakt.
Mijn leraar vertelde dat ik serieus hulp moest zoeken en dat heb ik dus gedaan.

Via mijn huisarts ben ik uitgekomen bij een psychotherapeut welke mij na een paar gesprekken door heeft gestuurd naar een psychotherapeutisch centrum.
Vanaf toen begon alles eindelijk te veranderen. Ik had mensen om me heen die mij begrepen al was het daar de eerste maanden ook moeilijk. Contact leggen bleef een ramp maar ik had heel veel geluk met mijn groep. Mijn groepsgenoten betrokken me overal bij, ook al zei ik 100 keer dat ik iets liever niet deed. Ook mijn therapeuten bleven mij stimuleren tot het ondernemen van activiteiten met andere mensen. Ik leerde inzien dat ik altijd extreem gespannen en angstig was. Ik had een sociale fobie en een paniekstoornis.
Zoveel werd duidelijk en langzamerhand begon het constante gevoel van angst minder te worden. Soms wilde ik alleen maar naar huis en ben zelfs een paar keer bijna weggelopen maar mijn groepsgenoten bleven me terug trekken terwijl ze zelf al zoveel problemen hadden om op te lossen. Ik heb nog nooit zoveel positieve aandacht gehad als in die kliniek.

Er is zelfs een periode geweest waarin ik mijn ouders moest gaan confronteren met hetgeen wat er allemaal is gebeurt en ik moest hen vertellen wat ik zo jammer vond aan mijn jeugd en wat ik graag anders had gezien. Dit werd ook wel systeemtherapie, een vorm van psychotherapie genoemd. Ik had er in eerste instantie veel hoop in en was van plan alles te vertellen wat me dwars zat maar toen mijn ouders, de therapeut en ik bij elkaar zaten, liep het heel anders dan dat ik had verwacht. Ze begrepen niet waarom ik hen de schuld gaf! Ik kon niks meer zeggen en na de therapie heb ik me heel rot gevoeld. Ik zag het nut niet meer in om daar te zijn en vond het verschrikkelijk dat ik mijn ouders pijn deed. Ze liepen huilend weg! Mijn therapeut en de groep hebben me er wederom doorheen gesleept. Mijn ouders zijn ouderwets en hebben overtuigingen die er waarschijnlijk nooit meer uit te krijgen zijn. Dit is niet mijn schuld maar hun gebrek. Ik moest leren om mijn contact met hen gewoon goed te houden maar niet verwachten dat ik ooit met hen zou kunnen praten over mijn leven, mijn gevoelens. Dit vond ik heel moeilijk maar heb het nu wel geaccepteerd.

Nou, ik ga toch even afsluiten want mijn verhaal is al veel te lang. Ik heb mijn studie niet meer afgemaakt maar ben wel op mezelf gaan wonen. Ik heb nog steeds therapie bij een psychotherapeut en contact met mijn oude groepsgenootjes. Met 1 van hen ben ik samen op kamers gegaan en studeren we nu samen sociaal culturele vorming. We gaan samen ook weleens op stap, kijken graag films en filosoferen over het leven. Ook zijn we pasgeleden samen een week naar Spanje geweest. Super eng maar ook super leuk. Ik leer elke dag iets bij en de angst voor het leven wordt elke keer een stukje kleiner.
Ik wil graag een project op gaan richten in de ontwikkelingshulp maar weet nog niet precies welke kant ik uit wil. Het is nog steeds moeilijk om keuzes te maken en stappen te ondernemen maar samen met mijn beste vriendin en mijn therapeut gaat het wel lukken. En ja, uiteindelijk moet ik het alleen doen maar wel stapje voor stapje.

Terug


WordPress theme: Kippis 1.15